Irak - 31 januari 2017

'De kracht van het kwaad is tastbaar'

Ermelo – Ruud Kraan reisde vorige week naar Erbil, Dohuk en Al Qosh. Hij bezocht vluchtelingenkampen, kinderdagverblijven en traumacentra en sprak met priesters en hulpverleners. Hij is onder de indruk van de inzet van de kerken en hij kreeg een waarschuwing mee voor Nederland.

Tijdens zijn verblijf in Irak ontmoette Ruud in een vluchtelingenkamp in Dohuk een vrouw die een onuitwisbare indruk op hem heeft gemaakt. Met haar gezin met zes kinderen woont ze in een caravan van 20 vierkante meter. Ze vertelde over hun vlucht waar hun gezin werd aangehouden door IS-strijders. Ze probeerden een van haar kinderen af te pakken. Kraan: “Toen ze dat vertelde, en ik de angst in haar ogen zag, ervoer ik de macht van het kwaad.” Het gezin woont nu in veiligheid.

Bij een ander kamp bleek dat de eigenaar van de grond had laten weten dat het kamp per 1 maart moest worden opgebroken. De vluchtelingen die in tenten wonen, waren radeloos. Ruud en de aanwezige hulpverleners konden met hen praten en een oplossing aanreiken.

Ruud bracht ook een bezoek aan Al Qosh. Daar vandaan was Mosoel zichtbaar en de rookpluimen boven de stad gaven aan dat de strijd tegen IS volop gaande is. Door aanvallen van IS moest Al Qosh twee keer ontruimd worden. Na de tweede ontruiming besloten christenen om een groot verlicht kruis op de berg achter hun dorp  te plaatsen. IS kan het van kilometers ver zien en vooral ’s nachts was het niet te missen. Het is een statement en geloofsdaad tegenover IS dat de christenen er nog steeds zijn en niet van plan zijn om te vertrekken.

In Al Qosh zijn de kerken met hulp van Open Doors een traumacentrum gestart. Zowel de lokale bewoners als de vluchtelingen (waaronder veel Jezidi’s) die bij hun te gast zijn worden geholpen. Mensen gaan niet makkelijk naar zo’n centrum vanwege het stigma dat rust op psychologische hulp.  Op de school in Al Qosh zitten Jezidi-kinderen die door IS zijn gekidnapt en van hun ouders zijn gescheiden. Vaak weet men niet eens wie en waar de ouders zijn. Veel van deze kinderen zijn door IS als menselijk schild gebruikt. De school heeft dringend hulp nodig bij het omgaan met deze trauma’s.

In een traumacentrum in Erbil, opgezet door de Chaldese kerk, hing een tekst aan de muur : ‘We repeat what we don’t repair’ (we herhalen wat niet geheeld wordt). Volwassenen en kinderen maken in de sessies tekeningen om hun trauma’s, waar ze vaak moeilijk over kunnen praten, zichtbaar te maken. Op de tekeningen zag Ruud moeders die naar grafkisten van hun kinderen wijzen, IS-strijders in hun zwarte uniformen en een tekening van iemand die is vermoord door hem van de trap te gooien. Na vijf dagen met allerlei sessies en gesprekken krijgen de deelnemers de gelegenheid een dagdeel stil te zijn in de kapel. Bij schilderijen met afbeeldingen van handen die allerlei emoties van pijn uitbeelden denken ze na over wat ze hebben meegemaakt.

Een priester verwoordde wat veel IDP’s (Internally Displaced People) aan Ruud vertelden. ‘IS kan verslagen worden maar hun gedachtengoed blijft bestaan en zal zich herhalen. En wat ons is overkomen kan ook bij jullie in het westen gebeuren.’

Aan het eind van de reis ontmoette hij in Erbil een katholieke priester en een monnik. Beiden gevlucht uit Qaraqosh. Met hulp van Open Doors zorgt hun kerk voor 840 gezinnen die in niet-afgebouwde appartementen onderdak vinden. De monnik vertelde over alles wat hij had gezien bij de vlucht uit Qaraqosh en de erbarmelijke noodopvang in de eerste periode: ‘Ik zal altijd een gat in mijn hart houden van wat ik heb gezien en meegemaakt.’ De inzet van de kerken is cruciaal voor de opvang van vluchtelingen, maar het vraagt een bovenmenselijke inspanning.

Christenen in de vluchtelingenopvang zijn de wanhoop nabij. Hun dorpen en steden liggen in puin. Waarom zou je teruggaan, vragen de meeste vluchtelingen zich af. Hun eigendommen worden ingenomen door moslims. Gezinnen en families zijn uit elkaar gerukt en verstrooid over de hele wereld. Bijna niemand wil blijven; dagelijks vertrekken honderden van hen naar het buitenland. Een vader van een groot gezin zei, waar zijn kinderen bijzaten: ‘Onze toekomst is één grote mislukking!’

Ondanks alle ellende zijn de kerken in Noord-Irak volop bezig ‘kerk te zijn’. Ze houden vast aan hun geloof in Christus, en delen uit naar geloofsgenoten en anderen die dringend hulp nodig hebben. Hun veerkracht is indrukwekkend en aanstekelijk. Daar kunnen we in het Westen veel van leren.

Open Doors is actief om samen met partners en kerken ondersteuning te geven aan de vele vluchtelingen om te werken aan een betere toekomst.

Gerelateerde nieuwsberichten